# Ten onrechte btw nageheven over verlenen licentierechten aan Spaanse voetbalclubs

Gepubliceerd: 2015-08-12

*Een naheffingsaanslag voor btw die verschuldigd zou zijn uit de bedragen die ontvangen zijn voor het verlenen van licentierechten aan Spaanse voetbalclubs is onterecht opgelegd, aldus Rechtbank Zeeland-West-Brabant. De diensten zijn namelijk niet belastbaar in Nederland.* 

X B.V. heeft in de jaren 2007 tot en met 2009 bedragen ontvangen van ruim € 1,1 mio, € 790.000 en € 220.000 van Spaanse voetbalclubs als vergoeding voor aan die clubs verleende licentierechten die betrekking hadden op voetbalspelers van die clubs. Na aftrek van een vergoeding van 7% van de betreffende bedragen voor haar werkzaamheden, heeft X B.V. de bedragen doorbetaald aan de entiteiten C Ltd en C S.A. Na een boekenonderzoek heeft de inspecteur van de Belastingdienst in 2012 aan X B.V. een naheffingsaanslag opgelegd van ruim € 338.000, zijnde 19/119<sup>e</sup> van de bedragen die X B.V. van de Spaanse voetbalclubs heeft ontvangen, vermeerderd met heffingsrente. X B.V. heeft deze naheffingsaanslag niet betaald. In 2011 is zowel X B.V. als haar bestuurder, A B.V., ontbonden. In 2013 heeft de ontvanger X B.V. aansprakelijk gesteld voor de onbetaalde naheffingsaanslag. X B.V. meent echter dat de naheffingsaanslag ten onrechte is opgelegd en dat zij ten onrechte aansprakelijk is gesteld.

Rechtbank Zeeland-West-Brabant heeft in deze zaak [geoordeeld](http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBZWB:2015:4179 "BTW-PLAZA - Ten onrechte btw nageheven over verlenen licentierechten aan Spaanse voetbalclubs") dat de naheffingsaanslag ten onrechte is opgelegd en X B.V. hiervoor niet aansprakelijk kan worden gesteld. X B.V. heeft namelijk diensten, bestaande uit het verlenen van licentierechten, verricht voor Spaanse voetbalclubs, die kwalificeren als btw-ondernemers, zodat de dienst niet belastbaar is in Nederland, maar in Spanje (zie [3.3](https://www.btwinstituut.nl/handboek/plaats-prestaties/b2b-diensten/)). De stelling van de ontvanger dat de naheffingsaanslag desalniettemin terecht is opgelegd omdat zij betrekking heeft op de diensten die X B.V. voor C Ltd verricht heeft, gaat volgens de rechtbank niet op. Het staat immers vast dat X B.V. slechts vergoedingen heeft ontvangen van de Spaanse voetbalclubs. X B.V. heeft geen vergoeding ontvangen van C Ltd, maar slechts vergoedingen aan haar (door)betaald, zodat niet gezegd kan worden dat X B.V. voor de btw relevante diensten heeft verricht aan C Ltd, aldus de rechtbank. De rechtbank oordeelt tot vernietiging van de beschikking tot aansprakelijkstelling van X B.V.

Vragen over dit onderwerp? [Neem contact op](https://btwinstituut.nl/contact) met één van onze specialisten.
