ViDA komt eraan: de grootste btw-hervorming in decennia. Is uw organisatie klaar voor e-invoicing? Lees meer

Kennisbank

Kennisbank

Verdiepende artikelen over btw, compliance en fiscale risico's, nieuwsberichten en actuele ontwikkelingen. Geschreven door onze specialisten, voor professionals die voorop willen lopen.

Kennisbank

Archief 26 april 2012

Geen btw-teruggaaf ter zake van door toeristen in Nederland gekochte goederen

Een B.V. die de teruggaaf van Nederlandse btw regelt ter zake van door toeristen in Nederland aangekochte goederen, handelt naar het oordeel van Rechtbank Haarlem gekunsteld. De handelswijze van de B.V. is als volgt. Een toerist van buiten de EU koopt in Nederland een goed met (veelal 19%) Nederlandse btw, maar laat de factuur op naam zetten van de B.V. Vervolgens stuurt de toerist deze factuur tezamen met een afgestempeld douanedocument (ter zake van de uitvoer van dit goed uit de EU) naar de B.V. De B.V. reikt vervolgens een factuur uit aan de toerist met 0% Nederlandse btw en betaalt de btw onder inhouding van de provisie door aan de toerist. Volgens de rechtbank heeft de inspecteur aannemelijk gemaakt dat geen sprake van een levering van de gekochte goederen aan en door de B.V. (ook al staan de aankoopfacturen op naam van de B.V.). Dit betekent dat de aan de B.V. in rekening gebrachte btw niet voor teruggaaf in aanmerking komt.

Lees verder
Archief 26 april 2012

Geen fiscale eenheid vanwege 50%-aandelenbelang

In Nederland gevestigde btw-ondernemer die financieel, economisch en organisatorisch verweven zijn zijn voor de btw-heffing een fiscale eenheid. Van financiële verwevenheid is sprake indien ten minste de meerderheid van de aandelen in elk van de vennootschappen -de zeggenschap daaronder begrepen- (on)middellijk in dezelfde handen is. Een B.V. (X1) waarin een man en een vrouw ieder 50% van de aandelen houden is naar het oordeel van Rechtbank Haarlem niet financieel verweven met een fiscale eenheid van een andere B.V. (X2) waarin de man en vrouw ook ieder 50% van de aandelen houden en twee 100%-dochtervennootschappen (C en D). B.V. X2, C en D exploiteren ieder een kinderdagverblijf (vrijgesteld van btw-heffing). Voor deze uitspraak en meer informatie over de fiscale eenheid voor de btw zie 1.10.

Lees verder
Archief 26 april 2012

PVV wil btw verlagen

De PVV wil volgend jaar het algemene btw-tarief verlagen van 19% naar 18%. Volgens de PVV is dit goed voor de koopkracht van burgers en bedrijven. Dit voorstel staat haaks op de plannen die op tafel lagen in het Catshuis aangezien de VVD, het CDA en de PVV daar met elkaar spraken over een verhoging van de btw-tarieven (19% naar 21% en 6% naar 7%).

Lees verder
Archief 25 april 2012

Btw-aftrek gemeente voor leerlingenvervoer met eigen bijdrage

Een gemeente verzorgt op basis van een verordening vervoer voor leerlingen in het primair en voortgezet onderwijs. Ter zake van dit leerlingenvervoer heeft de gemeente overeenkomsten gesloten met vervoersbedrijven. De vervoersbedrijven reiken aan de gemeente hiervoor facturen met btw uit. In het schooljaar 2008/2009 betaalt 36% van de ouders een leerlingenbijdrage. In het jaar 2008 heeft de gemeente voor € 13.958 aan eigen bijdragen ontvangen. De kosten voor het leerlingenvervoer bedragen dat jaar € 458.231. In geschil voor Hof Den Haag is of de gemeente recht op teruggaaf heeft van de in rekening gebrachte btw. Naar het oordeel van het hof is dit het geval. Dit betekent dat de gemeente uit de eigen bijdrage van de ouders voor het leerlingenvervoer 6% btw verschuldigd is, terwijl de gemeente alle btw op de kosten van het leerlingenvervoer in aftrek mag brengen. Het is nog niet duidelijk of de staatssecretaris tegen deze uitspraak in beroep gaat bij de Hoge Raad.

Lees verder
Archief 25 april 2012

Geen btw-aftrek bij overname damesmodezaken

De overdracht van een onderneming is op grond van art. 37d Wet OB geen belastbaar feit voor de btw-heffing. Dit betekent dat ter zake van deze handeling geen btw in rekening gebracht mag worden aan de koper. Doet een verkoper van een onderneming dit toch dan is hij deze btw op grond van art. 37 Wet OB verschuldigd (zie 14.3), terwijl de koper deze zogenoemde art. 37-btw in beginsel niet in aftrek mag brengen. In een zaak voor Hof Amsterdam is geoordeeld dat de overname van de huurcontracten, de overname van inventaris, personeel, voorraden van diverse damesmodezaken een overdracht van een onderneming is. De (failliete) verkoper heeft ter zake van deze overdracht naar het oordeel van het hof ten onrechte 19% btw in rekening gebracht. Volgens het hof heeft de inspecteur de in aftrek gebrachte btw terecht bij de koper nageheven. Dat de koper heeft gesteld dat het hem slechts ging om de huurrechten van de winkels acht het hof in strijd met de feiten. De aankoop van de onderneming valt voor deze koper dus 19% duurder uit dan gedacht. Voor deze uitspraak en meer informatie over de overdracht van ondernemingen en de btw zie 11.5.

Lees verder
Archief 23 april 2012

Geen btw-teruggaaf op basis van geweigerde creditfactuur

Een B.V. verkoopt de exclusieve licentie voor gebruik van een merknaam aan een derde. De betaling van de koopsom vindt plaats volgens een overeengekomen betaalschema. Nadat een termijn niet wordt voldaan, stuurt de B.V. een creditfactuur voor dit deel van de koopsom. Tevens zegt de B.V. de licentieovereenkomst op. De koper accepteert de creditfactuur niet, omdat zij zich op het standpunt stelt dat de overeenkomst niet kan worden beëindigd. De koper blijft de merknaam gebruiken. Na een mislukte faillissementsaanvraag van de koper besluit de B.V. om geen civiele procedure te starten. Wel dient zij een verzoek in tot teruggaaf van de btw op basis van de creditfactuur. De inspecteur wijst dit teruggaafverzoek af. In geschil is of deze afwijzing terecht is. Rechtbank Arnhem is van oordeel dat dit het geval is, omdat de vergoeding voor het gebruik van de merknaam niet is verminderd. Er is geen sprake van een onvoorwaardelijke kwijtschelding van het restant van de koopsom, terwijl het ook niet aannemelijk is dat (het restant van) de koopsom niet zal worden ontvangen. Voor deze uitspraak en meer informatie over btw-teruggaven bij creditfacturen zie 4.15.

Lees verder
Archief 23 april 2012

Weekers wil banken betrekken bij aanpak btw-fraude

Staatssecretaris Weekers gaat in gesprek met banken om te onderzoeken welke mogelijkheden er bestaan om over en weer gegevens uit te wisselen over mogelijke btw-fraudeurs. Daarnaast wil Weekers dat in internationaal verband snel een btw-verleggingsregeling kan worden toegepast indien er signalen zijn dat met bepaalde handelingen risico bestaat op btw-fraude. Weekers bepleitte dit afgelopen vrijdag in een conferentie over btw-fraude van parlementariërs uit de Benelux, de Scandinavische (Nordic Council) en Baltische landen (Baltic Assembly). Ook in nieuwe opsporingstechnieken rondom btw-fraude, zoals het uitgebreid monitoren en analyseren van het zoekgedrag van mensen die inloggen met hun btw-nummer, ziet Weekers veel kansen. De staatssecretaris wil zo spoedig mogelijk met deze nieuwe opsporingstechniek aan de slag gaan. Voor meer informatie over (risico’s bij) btw-fraude zie 12.

Lees verder
Archief 23 april 2012

Winkeliers: geen btw-verhoging

In een reactie op het mislukken van de onderhandelingen in het Catshuis heeft Detailhandel Nederland laten weten dat de plannen voor een verhoging van de btw van tafel moeten. VVD, CDA en PVV waren van plan het algemene btw-tarief van 19% te verhogen naar 21% en het lage btw-tarief te verhogen van 6% naar 7%. Deze btw-verhogingen zouden de schatkist 5 miljard euro opleveren. Volgens Detailhandel Nederland leiden hogere prijzen tot minder aankopen met (verdere) omzetdaling en vermindering van de werkgelegenheid tot gevolg. Detailhandel Nederland betreurt dat de komende tijd niet in het teken staat van het eensgezind werken aan het herstel van de economie, maar in het teken van verkiezingsstrijd. Hierdoor houdt de onzekerheid aan en wordt het vertrouwen van de consument verder aangetast. Detailhandel Nederland roept het vallende kabinet en de Tweede Kamer daarom op om snel met hervormingen te komen.

Lees verder
Archief 20 april 2012

Aftrek groothandel in frisdranken niet beperkt wegens ontbreken wetenschap btw-fraude kopers

Een groothandel in frisdranken heeft verschillende malen partijen frisdranken verkocht en na ontvangst van de betaling, voor haar rekening doen vervoeren naar het Verenigd Koninkrijk. Ter zake van deze leveringen is de groothandel ervan uitgegaan dat het nultarief voor intracommunautaire leveringen van toepassing was. Na onderzoek van de FIOD-ECD en de fiscus is gebleken dat twee afnemers op naam en met het btw-identificatienummer van andere ondernemers bestellingen plaatsten. Uit onderzoek van de Engelse fiscus bleek dat er geen enkele schriftelijke overeenkomst was voor de leveringen van frisdrank. De inspecteur heeft vervolgens het nultarief geweigerd omdat de identiteit van de afnemers niet was vastgesteld en een naheffingsaanslag opgelegd. Uiteindelijk heeft de Hoge Raad in cassatie geoordeeld dat de vaststelling van de identiteit van de afnemers voor de toepassing van het nultarief niet vereist is. De Hoge Raad verwees de zaak naar Hof Arnhem. In de verwijzingsprocedure stemt de inspecteur alsnog in met de toepassing van het nultarief, maar betwist hij de aftrek omdat de groothandel wist of kon weten van btw-fraude door de afnemer. Naar het oordeel van het hof heeft de inspecteur dit onvoldoende aannemelijk gemaakt. Hierbij neemt het hof o.m. in aanmerking dat handelswijze met betrekking tot de afnemers niet ongebruikelijk was, terwijl de omstandigheid dat een vaste handelspartner belt aanleiding kan zijn om minder achterdochtig te zijn. Voor meer informatie over de toepassing van het nultarief bij intracommunautaire leveringen en de weigering van de aftrek bij wetenschap btw-fraude zie 9.1.2 en 12.

Lees verder
Archief 20 april 2012

Afzien toepassing margeregeling op verkoop gebruikte auto’s leidt tot dubbele btw-heffing

Een autohandelaar die gebruikte auto’s (die van particulieren etc. zijn ingekocht) wederverkoopt is ter zake van deze (weder)verkoop 19% btw verschuldigd uit de winstmarge (in plaats van 19% btw over de door de koper betaalde vergoeding). Voor de wederverkoop van gebruikte auto’s geldt de globalisatieregeling. Deze regeling houdt in dat de autohandelaar de winstmarge per tijdvak berekent en niet per (weder)verkoop. Bij toepassing van de margeregeling mag de autohandelaar geen btw op de verkoopfactuur vermelden. Als de koper een aftrekgerechtigde btw-ondernemer is, zal hij liever een factuur met btw over de vergoeding ontvangen omdat hij deze btw volledig in aftrek kan brengen. De autohandelaar kan in dat geval ervoor kiezen om de normale btw-regels toe te passen en btw in rekening te brengen over de verkoopprijs. In dat geval moet hij zijn inkoopbedragen corrigeren met het inkoopbedrag van de auto die met toepassing van de normale btw-regels is verkocht. Dat hierdoor dubbele btw-heffing ontstaat, is naar het oordeel van de Hoge Raad niet in strijd met de btw-richtlijn. Voor dit arrest en meer informatie over de margeregeling zie 11.4.

Lees verder
Archief 20 april 2012

Verkopen leads aan hypotheek- en kredietverstrekkers vrijgesteld van btw-heffing

Een internetmarketingbedrijf biedt op haar website consumenten de mogelijkheid om rentes te vergelijken en offertes aan te vragen bij (intermediairs van) hypotheek- en consumptief kredietverstrekkers (hierna: aanbieders). De aanbieders hebben zich op de website geregistreerd. De consument heeft de mogelijkheid om al dan niet bepaalde aanbieders aan te vinken. De consument vult vervolgens zijn gegevens in op een digitaal formulier. Indien de consument een keuze voor (een) bepaalde aanbieder(s) maakt wordt deze lead op een slechts voor die aanbieder(s) toegankelijk deel van een platform geplaatst. Via de website wordt dan een lead naar de betreffende aanbieder(s) verzonden. De aanbieder kan deze gegevens vervolgens tegen betaling ophalen. Maakt de consument geen keuze voor (een) bepaalde aanbieder(s) dan komt de lead op een algemeen platform en ontvangen de geregistreerde aanbieders een mail waarin aangegeven is dat er een nieuwe lead beschikbaar is. De aanbieders kunnen tegen betaling de achtergelaten consumentengegevens inzien. Vervolgens is het aan de aanbieder om de consument te benaderen. De AFM heeft na onderzoek het standpunt ingenomen dat sprake is van bemiddeling voor de Wft. Dit is volgens Hof Arnhem niet van belang voor de vraag of er voor de btw-heffing sprake is van bemiddeling bij kredietverlening. Toch is naar het oordeel van het hof ook voor de btw sprake van (vrijgestelde) bemiddeling omdat de aanbieder met de gekochte gegevens direct in contact kan treden met de consument voor het afsluiten van een kredietovereenkomst. Voor deze uitspraak en meer informatie over bemiddeling zie 8.3.1.

Lees verder
Archief 18 april 2012

EVO en BTW-PLAZA gaan samenwerking aan

BTW-PLAZA is een samenwerking aangegaan met de EVO (Ondernemersorganisatie voor logistiek en transport). Onder de naam EVO-BTW-Services bieden EVO, BTW-PLAZA (Van Driel Fruijtier btw-specialisten) en Remobis Refund Services EVO-leden btw-dienstverlening aan op het gebied van buitenlandse btw en dieselaccijns. In een voorlichtingsbijeenkomst op 1 juni a.s. wordt het partnership nader toegelicht.

Lees verder
Archief 13 april 2012

Download nu het geactualiseerde memo inzake de reisbureauregeling btw!

Lees verder
Archief 13 april 2012

Schrijf u in voor praktijkbijeenkomst reisbureauregeling btw op 17 april!

BTW-PLAZA organiseert op 17 april a.s. in Dordrecht wederom een praktijkbijeenkomst over de nieuwe reisbureauregeling. Tijdens de praktijkbijeenkomst wordt uitgelegd wie met de reisbureauregeling te maken krijgen en wordt u voorzien van praktische aanwijzingen hoe in welke omstandigheden te handelen. In deze bijeenkomst wordt tevens ingegaan op het nieuwe besluit inzake de reisbureauregeling. Let op: deelnemers aan deze praktijkbijeenkomst krijgen twee PE-punten! Schrijf u hier in!

Lees verder
Archief 11 april 2012

Nieuw besluit reisbureauregeling

Op 1 april 2012 is de nieuwe reisbureauregeling in werking getreden. Deze reisbureauregeling is van toepassing voor zover(!) de reisbureaus (incl. de touroperator) op eigen naam tegenover de reiziger handelen en zij voor de totstandkoming van de reizen gebruik maken van goederenleveringen en diensten door andere btw-ondernemers. Het verwarrende van de naam ‘reisbureauregeling’ is dat zij in de praktijk veelal niet van toepassing is op reisbureaus (reisagenten) omdat die niet op eigen naam handelen jegens de reiziger, maar slechts bemiddelen bij de verkoop van reizen door een ander. De staatssecretaris heeft vlak voor de inwerkingtreding van de nieuwe reisbureauregeling een besluit gepubliceerd met daarin een aantal goedkeuringen en standpunten.

Lees verder
Archief 10 april 2012

Belgisch overheidslichaam volledige btw-teruggaaf verwijderen bodemassen

Een in België gevestigd publiekrechtelijk lichaam is belast met het ophalen en verwerken van huisafval. De verwerking van dit afval vindt plaats in een afvalverbrandingsinstallatie in België. Het afval wordt aldaar zodanig verbrand dat de vrijkomende stroom kan worden aangewend voor de winning van energie. Het overheidslichaam verkoopt en levert deze stroom tegen vergoeding aan een N.V. Bij het verbrandingsproces komen ook bodemassen vrij. Deze bodemassen worden tegen vergoeding door een Nederlands bedrijf verwijderd. De in rekening gebrachte Nederlandse btw (op basis van de plaats-van-dienst-regels tot 1 januari 2010) is door het overheidslichaam volledig teruggevraagd. Naar het oordeel van Rechtbank Breda ten onrechte, maar Hof Den Bosch is een tegenovergesteld oordeel toegedaan. In cassatie oordeelt de Hoge Raad dat het overheidslichaam een recht heeft op volledige teruggaaf van de in rekening gebrachte Nederlandse btw.

Lees verder
Archief 10 april 2012

Door werkzaamheden aan grond met oog op bebouwing is bouwterrein ontstaan

De levering van onbebouwde grond is vrijgesteld van btw-heffing, tenzij sprake is van een bouwterrein. Wanneer sprake is van een bouwterrein is niet altijd even duidelijk, zo blijkt ook uit een uitspraak van Hof Den Haag. De feiten in deze procedure zijn als volgt. Een B.V. verkrijgt in juni 1998 een terrein met daarop een bedrijvencomplex. Begin 2000 verkoopt de B.V. dit terrein waarbij wordt overeengekomen dat de verkoper de opstallen voor rekening (doet) slopen tot en met de funderingen en dat het terrein in mei 2000 wordt geleverd. De sloop is op 17 april 2000 gestart. Op 19 mei 2000 is het terrein geleverd aan de koper. Ten tijde van de levering waren de sloopwerkzaamheden nog niet voor het gehele terrein afgerond. Het terrein is bestemd voor de bouw van kantoorruimte en woonappartementen. De Hoge Raad oordeelt in cassatie dat de B.V. onbebouwde grond geleverd heeft en verwijst de zaak naar Hof Den Haag om te onderzoeken of de geleverde grond kwalificeert als bouwterrein. Hof Den Haag is van oordeel dat er een bouwterrein geleverd is. Naar het oordeel van het hof zijn er naast de sloophandelingen andere handelingen aan de grond verricht met het oog op de bebouwing. Welke handelingen aan de grond met het oog op de bebouwing van de grond zijn verricht, blijkt uit de uitspraak niet. Omdat de levering van de grond belast is met btw mag de btw op de hieraan toerekenbare kosten in aftrek worden gebracht. De naheffingsaanslag is om die reden ten onrechte opgelegd. Voor meer informatie over de vraag wanneer sprake is van een bouwterrein zie 7.6.

Lees verder
Archief 10 april 2012

Prejudiciële vragen inzake btw-vrijstelling verwerving en invoer tandprothesen?

De levering van tandprothesen door tandartsen en tandtechnici is in Nederland sinds 1 januari 2008 vrijgesteld van btw-heffing. De invoer (aankoop in derde land) en verwerving (aankoop in andere EU-lidstaat) van deze goederen is vrijgesteld indien de levering in het binnenland in elk geval is vrijgesteld. De woorden ‘in elk geval’ zijn voor verschillende uitleg vatbaar. Thans zijn er vier cassatieprocedures aanhangig omtrent de vraag of de invoer en/of verwerving door een Nederlandse tandarts of tandtechnicus vrijgesteld is van btw-heffing. De staatssecretaris gaat uit van een strikte uitleg: omdat niet iedere levering van tandprothesen is vrijgesteld, is de invoer en de verwerving van tandprothesen altijd belast met 19% btw. Volgens een andere visie is de vrijstelling van toepassing indien de tandprothesen ingevoerd of verworven worden door een tandarts of tandtechnicus. A-G Van Hilten meent dat de btw-vrijstelling van toepassing is indien de leverancier een tandarts of tandtechnicus is (ook indien de tandprothesen op grond van het Duitse recht met 0% btw geleverd zijn!). Omdat het niet met zekerheid te zeggen is welk standpunt de goedkeuring van het HvJ EU kan wegdragen, adviseert de A-G de Hoge Raad om hierover prejudiciële vragen te stellen. Voor meer informatie zie 8.2.1.4.

Lees verder
Archief 10 april 2012

Ritten te paard of met hittax door Drunense Duinen belast met 6% btw

Het gelegenheid geven tot sportbeoefening is belast met 6% btw indien het in een sportaccommodatie plaatsvindt. Naar het oordeel van Hof Den Bosch is hiervan geen sprake bij ritten te paard of met de zogenoemde hittax op (openbare ruiter)paden in de Drunense Duinen. De Hoge Raad is een ander oordeel toegedaan. Naar zijn oordeel is wel sprake van het gelegenheid geven tot sportbeoefening in een sportaccommodatie omdat de ritten beginnen en eindigen in de manege, waar de deelnemers zich gereed maken voor het beoefenen van de sport. De prestatie van de manege is derhalve belast met 6% btw. Voor dit arrest en meer informatie over het verlaagde btw-tarief voor sportbeoefening zie 5.2.

Lees verder
Archief 4 april 2012

Jaarlijkse vemelding btw-schuld op balans reden voor vergrijpboete van 25%

Een B.V. dient op 26 november 2005 een aangifte vennootschapsbelasting in voor het jaar 2004. Op de bij de aangifte behorende balans staat een btw-schuld van € 20.987. Naar aanleiding hiervan is een boekenonderzoek ingesteld. Hieruit volgde dat deze btw-schuld meerdere jaren betrof. Voor het jaar 2001 heeft de inspecteur een naheffingsaanslag opgelegd en een boete van 25% wegens grove schuld. Naar het oordeel van het Hof Amsterdam is deze vergrijpboete passend en geboden. De B.V. heeft zelf de btw-aangifte opgesteld en de belastingadviseur jaarlijks een herrekening laten maken. De verschillen uit de herrekening zijn door de B.V. niet aangegeven in suppletieaangiften, hetgeen volgens het hof voldoende is voor grove schuld. Dat de B.V. er te goeder trouw vanuit is gegaan dat na ontvangst van de jaarstukken automatisch een naheffingsaanslag zou worden opgelegd doet daar, wat daar overigens ook van zij, niet aan af.

Lees verder
Archief 30 maart 2012

Aftrek invoer-btw niet afhankelijk van voorafgaande betaling

Een btw-ondernemer heeft recht op aftrek van de voldane of verschuldigde invoer-btw indien hij de ingevoerde goederen voor aftrekgerechtigde bedrijfsdoeleinden gebruikt (bijv. btw-belaste doorverkoop aan derden). Indien de door een btw-ondernemer overgelegde oorsprongaangifte achteraf onjuist blijkt te zijn en dientengevolge alsnog invoer-btw wordt nageheven, kan deze nageheven btw in beginsel in aftrek worden gebracht. Echter, er zijn bijzondere omstandigheden denkbaar waarin de invoer-btw niet voldaan is en de voldoening ook niet meer in rechte afdwingbaar is. Dat de vordering niet meer in rechte afdwingbaar is, laat onverlet dat de vordering niet tenietgaat maar omgezet wordt in een natuurlijke verbintenis. In een dergelijke situatie is naar het oordeel van het HvJ EU geen sprake meer van verschuldigde invoer-btw die voor aftrek in aanmerking komt. Tevens oordeelt het hof dat de aftrek van de voldane of verschuldigde invoer-btw niet afhankelijk mag worden gesteld van de voorafgaande betaling. Voor dit arrest en informatie over de aftrekbare invoer-btw zie 10.1.3.

Lees verder
Archief 30 maart 2012

Btw-heffing over privégebruik pand NV om niet door gezin bestuurder

BLM NV heeft in 2003 door inbreng van een bestuurder en zijn echtgenote een recht van vruchtgebruik op een pand gekregen voor 20 jaar. Dit pand is door de bestuurder en zijn echtgenote volledig tot het btw-ondernemingsvermogen gerekend. Over de inbreng door de bestuurder en zijn echtgenote is btw betaald die door BLM NV in aftrek is gebracht. BLM NV heeft in het pand een kantoor en een archieflokaal. Het pand wordt door de bestuurder en zijn echtgenote sinds juli 2002 voor privédoeleinden gebruikt. Voor het privégebruik van het pand wordt door de bestuurder en zijn echtgenote geen huur betaald. Naar de mening van de Belgische fiscus had BLM NV geen recht op volledige aftrek vanwege het privégebruik door de bestuurder en zijn echtgenote. Naar het oordeel van het HvJ EU is er sprake van een pand waarvoor BLM NV recht op aftrek heeft voor het zakelijke gebruik. In dat geval is het privégebruik van dit pand om niet door een bestuurder en zijn gezin gelijkgesteld met een btw-belaste dienst. Dit arrest betekent dat BLM NV recht had op volledige aftrek van de btw over de inbreng. Zie 10.6.1.

Lees verder
Archief 30 maart 2012

Kunstenaar had btw-verhoging op koper kunstwerk kunnen verhalen

Per 1 januari 2011 is de levering van kunstvoorwerpen belast met 19% btw. Voor die datum was een dergelijke levering belast met 6% btw. Een beeldend kunstenaar die in december 2010 een kunstwerk verkocht, maar dit werk pas op 3 januari 2011 leverde was derhalve niet 6% maar 19% btw verschuldigd. Naar de mening van de kunstenaar was deze wetswijziging in strijd met het zorgvuldigheidsbeginsel, het rechtszekerheidsbeginsel en het gelijkheidsbeginsel, alsmede art. 1, eerste protocol bij het EVRM. Rechtbank Den Haag oordeelt dat een rechter een wet in formele zin niet mag toetsen aan algemene rechtsbeginselen. Strijd met art. 1, eerste protocol bij het EVRM is de rechtbank niet gebleken. De kunstenaar heeft zichzelf met de btw-last opgezadeld aangezien hij op grond van art. 52 Wet OB de btw-verhoging mag afwentelen op de koper. Door dit niet te doen vindt de extra btw-last van 13% voor de kunstenaar niet zijn oorzaak in de tariefsverhoging, maar in de keuze om die btw niet af te wentelen op de koper van het kunstwerk. Zie 5.2 voor deze uitspraak.

Lees verder
Archief 30 maart 2012

Sale-and-lease-backconstructie schoolgebouw gemeente Middelharnis misbruik van recht

Een door de gemeente Middelharnis opgezette sale-and-lease-backconstructie met een nieuw schoolgebouw is door de Hoge Raad bestempeld als misbruik van recht. De gemeente had het nieuwe schoolgebouw voor 1,2 miljoen euro excl. btw -deze vergoeding was lager dan de stichtingskosten- met btw verkocht aan een opgerichte stichting. Het bestuur van deze stichting werd benoemd door het college van B&W van de gemeente. De stichting verhuurde het gebouw vervolgens weer vrijgesteld van btw-heffing terug aan de gemeente. Doordat de overdracht van het schoolgebouw aan de stichting belast was met btw kon de gemeente alle btw op de stichtingskosten in aftrek brengen. Aldus werd er door de gemeente meer btw in aftrek gebracht dan aan btw over de levering aan de stichting werd voldaan. Hof Den Haag oordeelde dat deze constructie kwalificeert als misbruik van recht omdat in strijd met doel en strekking van de wet een volledig aftrekrecht aan de gemeente toekomt voor schoolgebouwen voor openbaar onderwijs, terwijl het wezenlijke doel van de constructie is gelegen in het behalen van een btw-voordeel. De Hoge Raad heeft dit oordeel van het hof in cassatie bevestigd. Voor meer informatie over misbruik van recht zie 13.

Lees verder

Zekerheid begint met een gesprek

Plan een consult met één van onze specialisten en krijg helderheid over uw nationale en internationale btw-processen.