ViDA komt eraan: de grootste btw-hervorming in decennia. Is uw organisatie klaar voor e-invoicing? Lees meer

Kennisbank

Kennisbank

Verdiepende artikelen over btw, compliance en fiscale risico's, nieuwsberichten en actuele ontwikkelingen. Geschreven door onze specialisten, voor professionals die voorop willen lopen.

Kennisbank

Archief 4 april 2012

Jaarlijkse vemelding btw-schuld op balans reden voor vergrijpboete van 25%

Een B.V. dient op 26 november 2005 een aangifte vennootschapsbelasting in voor het jaar 2004. Op de bij de aangifte behorende balans staat een btw-schuld van € 20.987. Naar aanleiding hiervan is een boekenonderzoek ingesteld. Hieruit volgde dat deze btw-schuld meerdere jaren betrof. Voor het jaar 2001 heeft de inspecteur een naheffingsaanslag opgelegd en een boete van 25% wegens grove schuld. Naar het oordeel van het Hof Amsterdam is deze vergrijpboete passend en geboden. De B.V. heeft zelf de btw-aangifte opgesteld en de belastingadviseur jaarlijks een herrekening laten maken. De verschillen uit de herrekening zijn door de B.V. niet aangegeven in suppletieaangiften, hetgeen volgens het hof voldoende is voor grove schuld. Dat de B.V. er te goeder trouw vanuit is gegaan dat na ontvangst van de jaarstukken automatisch een naheffingsaanslag zou worden opgelegd doet daar, wat daar overigens ook van zij, niet aan af.

Lees verder
Archief 30 maart 2012

Aftrek invoer-btw niet afhankelijk van voorafgaande betaling

Een btw-ondernemer heeft recht op aftrek van de voldane of verschuldigde invoer-btw indien hij de ingevoerde goederen voor aftrekgerechtigde bedrijfsdoeleinden gebruikt (bijv. btw-belaste doorverkoop aan derden). Indien de door een btw-ondernemer overgelegde oorsprongaangifte achteraf onjuist blijkt te zijn en dientengevolge alsnog invoer-btw wordt nageheven, kan deze nageheven btw in beginsel in aftrek worden gebracht. Echter, er zijn bijzondere omstandigheden denkbaar waarin de invoer-btw niet voldaan is en de voldoening ook niet meer in rechte afdwingbaar is. Dat de vordering niet meer in rechte afdwingbaar is, laat onverlet dat de vordering niet tenietgaat maar omgezet wordt in een natuurlijke verbintenis. In een dergelijke situatie is naar het oordeel van het HvJ EU geen sprake meer van verschuldigde invoer-btw die voor aftrek in aanmerking komt. Tevens oordeelt het hof dat de aftrek van de voldane of verschuldigde invoer-btw niet afhankelijk mag worden gesteld van de voorafgaande betaling. Voor dit arrest en informatie over de aftrekbare invoer-btw zie 10.1.3.

Lees verder
Archief 30 maart 2012

Btw-heffing over privégebruik pand NV om niet door gezin bestuurder

BLM NV heeft in 2003 door inbreng van een bestuurder en zijn echtgenote een recht van vruchtgebruik op een pand gekregen voor 20 jaar. Dit pand is door de bestuurder en zijn echtgenote volledig tot het btw-ondernemingsvermogen gerekend. Over de inbreng door de bestuurder en zijn echtgenote is btw betaald die door BLM NV in aftrek is gebracht. BLM NV heeft in het pand een kantoor en een archieflokaal. Het pand wordt door de bestuurder en zijn echtgenote sinds juli 2002 voor privédoeleinden gebruikt. Voor het privégebruik van het pand wordt door de bestuurder en zijn echtgenote geen huur betaald. Naar de mening van de Belgische fiscus had BLM NV geen recht op volledige aftrek vanwege het privégebruik door de bestuurder en zijn echtgenote. Naar het oordeel van het HvJ EU is er sprake van een pand waarvoor BLM NV recht op aftrek heeft voor het zakelijke gebruik. In dat geval is het privégebruik van dit pand om niet door een bestuurder en zijn gezin gelijkgesteld met een btw-belaste dienst. Dit arrest betekent dat BLM NV recht had op volledige aftrek van de btw over de inbreng. Zie 10.6.1.

Lees verder
Archief 30 maart 2012

Kunstenaar had btw-verhoging op koper kunstwerk kunnen verhalen

Per 1 januari 2011 is de levering van kunstvoorwerpen belast met 19% btw. Voor die datum was een dergelijke levering belast met 6% btw. Een beeldend kunstenaar die in december 2010 een kunstwerk verkocht, maar dit werk pas op 3 januari 2011 leverde was derhalve niet 6% maar 19% btw verschuldigd. Naar de mening van de kunstenaar was deze wetswijziging in strijd met het zorgvuldigheidsbeginsel, het rechtszekerheidsbeginsel en het gelijkheidsbeginsel, alsmede art. 1, eerste protocol bij het EVRM. Rechtbank Den Haag oordeelt dat een rechter een wet in formele zin niet mag toetsen aan algemene rechtsbeginselen. Strijd met art. 1, eerste protocol bij het EVRM is de rechtbank niet gebleken. De kunstenaar heeft zichzelf met de btw-last opgezadeld aangezien hij op grond van art. 52 Wet OB de btw-verhoging mag afwentelen op de koper. Door dit niet te doen vindt de extra btw-last van 13% voor de kunstenaar niet zijn oorzaak in de tariefsverhoging, maar in de keuze om die btw niet af te wentelen op de koper van het kunstwerk. Zie 5.2 voor deze uitspraak.

Lees verder
Archief 30 maart 2012

Sale-and-lease-backconstructie schoolgebouw gemeente Middelharnis misbruik van recht

Een door de gemeente Middelharnis opgezette sale-and-lease-backconstructie met een nieuw schoolgebouw is door de Hoge Raad bestempeld als misbruik van recht. De gemeente had het nieuwe schoolgebouw voor 1,2 miljoen euro excl. btw -deze vergoeding was lager dan de stichtingskosten- met btw verkocht aan een opgerichte stichting. Het bestuur van deze stichting werd benoemd door het college van B&W van de gemeente. De stichting verhuurde het gebouw vervolgens weer vrijgesteld van btw-heffing terug aan de gemeente. Doordat de overdracht van het schoolgebouw aan de stichting belast was met btw kon de gemeente alle btw op de stichtingskosten in aftrek brengen. Aldus werd er door de gemeente meer btw in aftrek gebracht dan aan btw over de levering aan de stichting werd voldaan. Hof Den Haag oordeelde dat deze constructie kwalificeert als misbruik van recht omdat in strijd met doel en strekking van de wet een volledig aftrekrecht aan de gemeente toekomt voor schoolgebouwen voor openbaar onderwijs, terwijl het wezenlijke doel van de constructie is gelegen in het behalen van een btw-voordeel. De Hoge Raad heeft dit oordeel van het hof in cassatie bevestigd. Voor meer informatie over misbruik van recht zie 13.

Lees verder
Archief 29 maart 2012

Herhaling praktijkbijeenkomst: Laat u niet misleiden! De nieuwe reisbureauregeling is breder toepasbaar dan u denkt.

“Het werken met deze regeling is enorm ingewikkeld, maar dankzij de praktijkbijeenkomst weet ik hoe ik problemen kan voorkomen”.

Lees verder
Archief 29 maart 2012

Hoge Raad rekt goedkeuring btw-belaste verhuur congres-, vergader- en tentoonstellingsruimte op

De verhuur van (delen van) onroerend goed is in beginsel vrijgesteld van btw. Het nadeel van een btw-vrijgestelde verhuur van onroerend goed is dat de btw op de hieraan toerekenbare kosten in het geheel niet aftrekbaar (en dus kostprijsverhogend) is. Indien de huurder het gehuurde voor minimaal 90% (en in sommige gevallen 70%, zoals reisbureaus en makelaars) voor aftrekgerechtigde prestaties gebruikt kunnen verhuren en huurder kiezen voor btw-belaste verhuur. Deze keuze kan door een uitdrukkelijke vermelding in de huurovereenkomst of door middel van een gezamenlijk verzoek aan de inspecteur. Indien een verhuurder ruimte verhuurt aan steeds wisselende huurders is het praktisch ondoenlijk om per huurder na te gaan of voldaan wordt aan de voorwaarden voor btw-belaste verhuur. Om die reden heeft de staatssecretaris goedgekeurd dat de kortdurende verhuur van congres-, vergader- en tentoonstellingsruimte steeds belast wordt met btw, mits de verhuurder expliciet aan de huurder kenbaar maakt dat de verhuur van de ruimte belast is met btw (door duidelijke vermelding in prijslijst of duidelijke bepaling in huurovereenkomst). De goedkeuring geldt niet alleen voor congres- vergader- en tentoonstellingsgebouwen, maar ook voor gebouwen die naast congres- vergader en tentoonstellingsdoeleinden voor andere doeleinden worden gebruikt. Hierbij kan gedacht worden aan een hotel of restaurant die vergaderruimte verhuren. Dat de verhuur van congres- vergader en tentoonstellingsruimte niet de hoofdactiviteit van de exploitant staat de toepassing van de goedkeuring niet in de weg, mits de hoofdactiviteit(en) van de exploitant belast zijn met btw (zie voor het beleidsbesluit 7.9).

Lees verder
Archief 28 maart 2012

Paranormaal therapeut 19% btw verschuldigd over behandelingen

Een paranormaal therapeut oefent sinds 2002 een praktijk uit in de alternatieve geneeskunde. In februari 2009 verzoekt hij de inspecteur om een standpunt in te nemen of hij ter zake van zijn activiteiten de btw-vrijstelling voor paramedische activiteiten mag toepassen. De inspecteur meent van niet en heft € 82.135 btw na over 2004 t/m 2007. Naar het oordeel van Rechtbank Breda terecht. De therapeut heeft niet aannemelijk gemaakt dat zijn paramedische handelingen gelet op zijn beroepskwalificaties van een gelijkwaardige kwaliteit zijn als die van een psycholoog met een HBO-opleiding of andere personen met een BIG-geregistreerde opleiding. De rechtbank acht het met name niet bewezen dat de gevolgde opleiding tot paranormaal therapeut aan het Johan Borgman College te Amsterdam een HBO-niveau heeft. De betreffende opleiding was en is namelijk niet geregistreerd als HBO-opleiding bij de NVAO.

Lees verder
Archief 28 maart 2012

Verbouwing supermarkt tot modezaak geen vervaardiging

Een B.V. verricht beheer- en managementactiviteiten met betrekking tot onroerend goed. In mei 2007 verkrijgt de B.V. een appartementsrecht inzake een winkel. De winkel is gelegen op de begane grond van een gebouw. Boven de winkel bevinden zich op de eerste en tweede verdieping vier appartementen die als woning worden gebruikt. Behalve de ruimte onder de appartementen omvat de winkelruimte ook een uitbouw waarboven geen bebouwing was (de uitbouw). Het dak van de winkel op de uitbouw werd voor een deel gebruikt als galerij voor de appartementen. Aan de winkel zijn werkzaamheden verricht. Nagenoeg de gehele uitbouw is gesloopt, de gevels zijn verwijderd, de binnenmuren zijn volledig verwijderd zodat een ‘kale ruimte’ is ontstaan. In deze ruimte is vervolgens een nieuwe winkelruimte voor een modezaak gecreëerd waarbij o.m. de gevels opnieuw zijn aangebracht, de ingang is verplaatst en de balkons van de appartementen zijn aangepast. De nieuwe winkelruimte is aanzienlijk kleiner dan de oude. Naar het oordeel van Rechtbank Haarlem is door deze verbouwing een vervaardigd (nieuw) gebouw ontstaan. Hof Amsterdam oordeelt in hoger beroep anders. Naar zijn oordeel is geen nieuw gebouw ontstaan omdat bij een beoordeling van het gebouw als geheel (waarvan de winkelruimte integrerend onderdeel vormt) geen sprake is van een functiewijziging, terwijl voorts niet gezegd kan worden dat in wezen sprake is van nieuwbouw. Dit betekent dat de verkrijging van het appartementsrecht niet vrijgesteld is van overdrachtsbelasting (de samenloopvrijstelling). Zie voor deze uitspraak 7.2.

Lees verder
Archief 21 maart 2012

Nultarief voor tussenhandel gas en elektriciteit vanwege btw-fraude

Na consultatie met energiebeurs APX-ENDEX heeft staatssecretaris Weekers preventief een regeling getroffen om btw-fraude bij de handel in gas en elektriciteit te voorkomen. De energiebeurs nam contact op met het Ministerie van Financiën met het verzoek om bescherming van de bonafide handel in gas en elektriciteit. Uit onderzoek van de Belastingdienst en de FIOD bleek dat er een verhoogd frauderisico bestaat rond deze handel. Het nadeel dat met deze maatregel wordt voorkomen wordt geschat op vele miljoenen euro’s.

Lees verder
Archief 20 maart 2012

Parkeren plus shuttleservice één prestatie: verhuur parkeerruimte voertuigen

In de gevoegde zaken ‘Purple Parking en Airparks Services’ gaat het om twee vennootschappen, Purple Parking en Airparks Services, uit het Verenigd Koninkrijk die gelegenheid geven tot parkeren aan luchtreizigers inclusief shuttlediensten (vervoer van parkeerruimte naar vliegveld). De luchtreizigers betalen per dag een all-in prijs voor het bewaakt parkeren en worden zelf met reisgenoten en bagage per shuttle vervoerd naar en van de luchthaven. De kosten van de shuttleservice bedragen van 33% tot 80% van de all-in prijs. De vennootschappen waren van mening dat zij twee diensten (verhuur parkeerruimte en shuttlediensten) verrichten en dat zij ten onrechte btw voldaan hadden over de shuttlediensten. De Engelse fiscus was daarentegen van mening dat sprake was van één samengestelde dienst die belast is tegen het algemene tarief: de verhuur van parkeerruimte voor voertuigen. Naar aanleiding van prejudiciële vragen van de Engelse rechter heeft het HvJ EU geoordeeld dat sprake is van één samengestelde dienst: de verhuur van parkeerruimte. Dit oordeel betekent dat deze dienst in Nederland belast is met 19% btw. Voor dit arrest en meer informatie over de verhuur van parkeerruimte voor voertuigen zie 7.8.

Lees verder
Archief 20 maart 2012

Reisbureauregeling niet van toepassing op touringcardiensten aan reisbureaus

In de zaak ‘Star Coaches’ gaat het om een onderneming die personenvervoer verzorgt in Tsjechië en andere EU-lidstaten. Dit vervoer wordt verricht met eigen touringcars en touringscars van onderaannemers. De opdrachtgevers van Star Coaches bestaan uitsluitend uit in Tsjechië en in andere EU-lidstaten gevestigde reisbureaus. Star Coaches handelt jegens deze reisbureaus op eigen naam. In geschil is of Star Coaches recht heeft op aftrek van de in rekening gebrachte btw door de onderaannemers. Indien de reisbureauregeling van toepassing is, luidt het antwoord op die vraag ontkennend. Naar het oordeel van het HvJ EU is in een dergelijke situatie de reisbureauregeling niet van toepassing omdat de diensten niet identiek zijn aan de diensten door een reisbureau of reisorganisator. Het HvJ EU acht het voor dit oordeel met name van belang dat Star Coaches geen andere diensten verricht, zoals het verstrekken van accommodatie, een gids of advies. Het is opmerkelijk dat het HvJ EU niet beslist dat het feit dat de touringcardiensten niet aan de reiziger, maar aan de reisbureaus worden verricht aan toepassing van de reisbureauregeling in de weg staat. Voor deze beschikking en het meer informatie over de reisbureauregeling zie 11.6.

Lees verder
Archief 19 maart 2012

Btw-identificatienummers Slowakije niet allemaal te verifiëren

Sinds 1 januari 2012 zijn niet alle btw-identificatienummers van Slowaakse btw-ondernemers te controleren via de (Europese) VIES-website. Dit is het gevolg van een aanpassing in het Slowaakse IT-systeem. Door deze IT-aanpassing is het niet mogelijk om de wijzigingen van Slowaakse btw-identificatienummers sinds 1 januari 2012 en nummers die na 1 januari 2012 zijn afgegeven te tonen op de VIES-website. Wie twijfelt over de juistheid van een Slowaaks btw-identificatienummer kan terecht bij de Slowaakse afnemer. Deze beschikt als het goed is over een certificaat van btw-registratie. Voor een voorbeeld van dit certificaat wordt verwezen naar de website van de Belastingdienst.

Lees verder
Archief 19 maart 2012

Weekers voorkomt btw-fraude handel gas en elektriciteit

Na consultatie met energiebeurs APX-ENDEX heeft staatssecretaris Weekers preventief een regeling getroffen om btw-fraude bij de handel in gas en elektriciteit te voorkomen. De energiebeurs nam contact op met het Ministerie van Financiën met het verzoek om bescherming van de bonafide handel in gas en elektriciteit. Uit onderzoek van de Belastingdienst en de FIOD bleek dat er een verhoogd frauderisico bestaat rond deze handel. Het nadeel dat met deze maatregel wordt voorkomen wordt geschat op vele miljoenen euro’s.

Lees verder
Archief 16 maart 2012

Bleken van tanden en plaatsen facings belast met 19% btw

De gezondheidskundige verzorging van de mens door tandartsen en andere BIG-beroepsbeoefenaren is vrijgesteld van btw-heffing. Een cosmetische ingreep die niet primair plaatsvindt met een therapeutisch doel is geen gezondheidskundige verzorging van de mens en is daarom belast met btw. Naar het oordeel van Rechtbank Haarlem is het bleken van tanden en het plaatsen van facings (incl. de intakegesprekken) vanuit het oogpunt van de modale consument (patiënt) één handeling met een cosmetisch doel: mooie, witte (en egale) tanden. Omdat niet aannemelijk is gemaakt dat de voornaamste reden van deze ingrepen was gelegen in de bescherming (incl. de instandhouding of herstel) van de gezondheid van de mens, is de rechtbank van oordeel dat ter zake van deze handelingen 19% btw verschuldigd is. Zie 8.2.1 voor deze uitspraak en meer informatie over de btw-vrijstelling voor (para)medische handelingen.

Lees verder
Archief 16 maart 2012

Lage canon erfpachtrecht geen betaling oninbare bouwtermijnen door derde

Indien de afnemer de in rekening gebrachte vergoeding (redelijkerwijs) niet betaalt, mag de schuldeiser de reeds betaalde btw terugvragen. De betaling van de factuur kan echter ook door een derde plaatsvinden. Van een betaling door een derde moet niet te snel worden uitgegaan: er is een rechtstreeks verband tussen de betaling en de door de schuldeiser verrichte prestaties nodig. Dit blijkt uit een thans aanhangige cassatieprocedure. In deze procedure gaat het om een bouw- en aannemingsbedrijf dat btw heeft voldaan over de bouw van een bedrijfsverzamelgebouw. Dit gebouw staat op een terrein dat de opdrachtgever in erfpacht van een gemeente zou verkrijgen. De opdrachtgever betaalt de bouwtermijnen niet en verkrijgt ook het erfpachtrecht niet. Door natrekking is de gemeente eigenaar geworden van het bedrijfsverzamelgebouw. Het bouw- en aannemingsbedrijf verkrijgt vervolgens voor een lagere prijs (alleen de waarde van de grond) een eeuwigdurend erfpachtrecht van de gemeente. Naar de mening van A-G Van Hilten heeft het bouw- en aannemingsbedrijf in deze situatie recht op teruggaaf van de btw op de oninbare bouwtermijnen. Dat het bouw- en aannemingsbedrijf het recht erfpacht van de gemeente voor een lagere prijs (alleen waarde grond) heeft verkregen, betekent niet dat de door de opdrachtgever verschuldigde bouwtermijnen door de gemeente zijn betaald. Naar de mening van de A-G bestaat er geen rechtstreeks verband tussen de bouw van het bedrijfsverzamelgebouw voor de opdrachtgever en de canon die de gemeente aan het bouw- en aannemingsbedrijf in rekening heeft gebracht. De Hoge Raad moet nog arrest wijzen. Voor de conclusie en meer informatie over het terugvragen van btw bij oninbare vorderingen zie 4.14.

Lees verder
Archief 16 maart 2012

Terbeschikkingstelling dga aan assurantiebemiddelingskantoor belast met 19% btw

Diensten inzake (her)verzekering zijn vrijgesteld van btw-heffing. Deze btw-vrijstelling gaat echter niet zo ver dat ook de terbeschikkingstelling van een dga (met de benodigde diploma’s) aan een assurantiebemiddelingskantoor tegen een jaarlijkse vergoeding van € 125.000 hieronder valt. Naar het oordeel van Hof Leeuwarden is deze dienst belast met 19% btw. Deze btw is voor het assurantiebemiddelingskantoor in het geheel niet aftrekbaar (en dus kostprijsverhogend). Voor deze uitspraak en meer informatie over de reikwijdte van de btw-vrijstelling voor verzekeringsdiensten zie 8.3.2.

Lees verder
Archief 15 maart 2012

Levering cadeaublikjes Staatsloten belast met btw

Rechtbank Den Haag is van oordeel dat de levering van cadeauverpakkingen voor Staatsloten door Stichting Exploitatie Nederlandse Staatsloterij (SENS) aan distributeurs los gezien moet worden van de verkoop van Staatsloten aan de kopers van de Staatsloten. Naar het oordeel van de rechtbank is de verkoop van de cadeaublikjes niet bijkomstig ten opzichte van de van btw-heffing vrijgestelde verkoop van Staatsloten. Doorslaggevend voor dit oordeel acht de rechtbank dat SENS de cadeaublikjes verkocht heeft aan de distributeurs en niet aan de kopers van de Staatsloten. Omdat de levering van de cadeaublikjes een aparte prestaties is, heeft SENS hierover terecht btw voldaan en heeft SENS recht op 1% aftrek van de btw op de algemene kosten. Zie 8.3.3 voor deze uitspraak en meer informatie over de btw-vrijstelling voor kansspelen.

Lees verder
Archief 13 maart 2012

Don Bosco Onroerend Goed BV heeft bouwterrein verkregen

In het Don Bosco Onroerend Goed BV-arrest besliste het HvJ EU dat een terrein waarvan de bebouwing volledig door of voor rekening van de verkoper wordt gesloopt en waarbij ten tijde van de levering een begin is gemaakt met de sloop, voor de btw-heffing kwalificeert als onbebouwde grond. De Hoge Raad moest van het HvJ EU beoordelen of sprake was van een bouwterrein. Omdat voor deze beoordeling feitelijk onderzoek nodig was heeft de Hoge Raad de zaak verwezen naar Hof Den Haag. Het hof heeft een eindbeslissing genomen in deze zaak. De uitkomst in deze procedure is verrassend. Tijdens de mondelinge behandeling van de zaak voor het hof heeft de inspecteur namelijk alsnog het standpunt ingenomen dat sprake is van een onbebouwd terrein als bedoeld in art. 11, lid 4 Wet OB. Het hof heeft aangegeven zich in dit eensluidende standpunt van partijen te kunnen vinden. Waarom de inspecteur alsnog vond dat sprake is van een bouwterrein wordt uit de procedure (helaas) niet duidelijk. Voor de uitspraak zie 7.6.

Lees verder
Archief 13 maart 2012

Stamboek- en informatieproducten CRV belast met 6% btw

De Coöperatie Rundveeverbetering (CRV) heeft met de Belastingdienst definitief overeenstemming bereikt over de toepassing van het verlaagde btw-tarief van 6% op de levering van stamboek- en informatieproducten van CRV. In het verleden vielen deze producten onder het verlaagde btw-tarief. In 2008 stelde de Belastingdienst echter dat dit ten onrechte was en kondigde een naheffingsaanslag aan. CRV paste uit voorzorg het online managementpakket VeeManager aan zodat over de levering van stamboek- en informatieproducten 19% btw werd berekend. De discussie met de Belastingdienst duurde echter voort en liep uiteindelijk vast. Onder meer door tussenkomst van het Productschap Vee en Vlees en het Ministerie van Financiën werd de vastgelopen discussie met de Belastingdienst weer vlotgetrokken. Vorige maand trok de Belastingdienst de conclusie dat de levering van stamboek- en informatieproducten belast is met 6% btw. CRV zal haar cliënten informeren en de te veel betaalde btw aan de klanten terugbetalen.

Lees verder
Archief 12 maart 2012

Speltherapie vrijgesteld van btw-heffing

In het besluit van 28 februari 2008, nr. CPP2008/78M geeft de staatssecretaris aan dat hij van mening is dat diensten die door pedagogen als zodanig zijn verricht vrijgesteld zijn van btw-heffing. Naar het oordeel van Rechtbank Arnhem is dit beleid niet beperkt tot pedagogen met een afgeronde universitaire opleiding. Een dienstverlener die gedrags- en ontwikkelingsproblemen van kinderen door speltherapie diagnosticeert en probeert op te lossen verricht volgens de rechtbanken diensten die bestaan in de gezondheidskundige verzorging van de mens. Deze diensten zijn op grond van voornoemd beleid vrijgesteld indien deze door pedagogen als zodanig zijn verricht. Naar het oordeel van de rechtbank is hiervan sprake indien de speltherapie wordt verleend door een dienstverlener met een HBO-opleiding Jeugdwelzijnswerk (een opleiding die met name in de beginjaren een sterk pedagogisch karakter heeft), aanvullende pedagogische opleidingen en een post-HBO-opleiding heeft gevolgd. Voor deze uitspraak zie 8.2.1.3.

Lees verder
Archief 12 maart 2012

Verhoging btw-tarief levering renpaarden, hobbypaarden etc per 1 juli 2012

Nederland moet het tarief voor de levering van paarden aanpassen. Op grond van de btw-richtlijn is het verlaagde tarief van 6% immers uitsluitend van toepassing op de levering van slachtpaarden (en dus niet op renpaarden, hobbypaarden etc). De Tweede Kamer heeft voor de aanpassing van dit tarief de Wet aanpassing tarief levende dieren aangenomen. Op grond van een motie is de inwerkingtreding van deze wet uitgesteld tot nader order. De reden hiervan is dat Frankrijk en Duitsland ook nog het verlaagde btw-tarief toepassen op de levering van andere paarden dan slachtpaarden. Na overleg met de Europese Commissie heeft de staatssecretaris te horen gekregen dat Nederland tot 1 juli 2012 uitstel krijgt. De staatssecretaris heeft de Tweede Kamer daarom geïnformeerd dat hij voornemens is om de wet bij Koninklijk Besluit per 1 juli 2012 in werking te laten treden. Voor meer informatie zie 5.2.

Lees verder
Archief 9 maart 2012

Verhuur van tentoonstellingsruimte door woningcorporatie belast met btw

De verhuur van ruimten aan steeds wisselende huurders mag op grond van het beleid steeds verhuurd worden met 19% btw. Door dit begunstigend beleid is niet steeds per huurder een optieverzoek in de huurovereenkomst dan wel aan de inspecteur nodig. Een aantal instellingen mogen echter geen gebruik maken van dit goedkeurend beleid. Het gaat hierbij om instellingen van wie -kort gezegd- de primaire activiteiten niet belast zijn met btw. Een woningcorporatie was het hier niet mee eens en stelde beroep in bij de rechter. Uiteindelijk met succes. Naar het oordeel van de Hoge Raad is het in strijd met het gelijkheidsbeginsel om een woningcorporatie uit te sluiten van het begunstigend beleid. Zie 7.9 voor dit beleid en het arrest van de Hoge Raad.

Lees verder
Archief 8 maart 2012

Onderscheid btw-correctie naar gelang CO2-uitstoot in strijd met gelijkheidsbeginsel

Aftrek voorbelasting Op grond van art. 16 Wet op de omzetbelasting in combinatie met het Besluit uitsluiting aftrek omzetbelasting 1968 (hierna: het BUA) mocht de btw op de autokosten tot 1 juli 2011 niet in aftrek gebracht worden indien en voor zover de auto voor privédoeleinden van het personeel gebruikt werd. De staatssecretaris keurde tot 1 juli 2011 goed dat de werkgever de btw-correctie bepaalde door aan te sluiten bij de forfaitaire correctie in de inkomsten- of loonbelasting. Een werkgever die een milieuvriendelijke auto voor privégebruik ter beschikking stelde aan de werknemer was sinds 2008 hierdoor een lagere btw-correctie verschuldigd dan een werkgever die een andere auto voor privégebruik aan zijn personeel ter beschikking stelde. Zowel Rechtbank Haarlem als Hof Amsterdam zijn van oordeel dat de staatssecretaris hierdoor gelijke gevallen ten onrechte ongelijk behandeld. De werkgever mag volgens Rechtbank Haarlem en Hof Amsterdam een beroep doen op de meest gunstige btw-correctie. Omdat de procedure betrekking had op 2008 kan de werkgever volgens de rechtbank en het hof volstaan met een btw-correctie van 12% x 14% x cataloguswaarde (€ 958) in plaats van 12% x 25% x cataloguswaarde (€ 1.711).

Lees verder

Zekerheid begint met een gesprek

Plan een consult met één van onze specialisten en krijg helderheid over uw nationale en internationale btw-processen.