ViDA komt eraan: de grootste btw-hervorming in decennia. Is uw organisatie klaar voor e-invoicing? Lees meer

Verkoop bouwkavels na beëindiging agrarische activiteiten

28 maart 2024 3 min leestijd Door de specialisten van BTW-INSTITUUT

Een tuinder kreeg woningbouwkavels als compensatie voor de sloop van zijn bedrijfsgebouwen. Hof 's-Hertogenbosch oordeelt dat hij die kavels als ondernemer verkocht, en dus btw verschuldigd is.

De casus

Belanghebbende drijft in bedrijfsgebouwen een eenmanszaak en houdt zich bezig met de teelt en verkoop van tomaten. In het gebied vindt een bestemmingswijziging plaats, waardoor iedere aanvraag tot uitbreiding of modernisering van de bedrijfsinrichting zal worden geweigerd en de sloop van bedrijfsgebouwen wordt gestimuleerd.

In dat kader gaat hij in 2012 een overeenkomst aan met de gemeente, waarin hij zich verplicht zijn bedrijfsgebouwen te slopen. Ter compensatie ontvangt hij van de gemeente zowel een financiële vergoeding als het recht op toewijzing van negen woningbouwkavels.

De tomatenteelt is in 2011 beëindigd. Vanaf 2012 verpacht belanghebbende de tuinbouwkassen aan derden, tot 31 oktober 2024, en exploiteert hij in de bedrijfsruimten een boerderij- en streekproductenwinkel. In de jaren 2016 tot en met 2018 verkoopt hij de bouwkavels. In geschil is of hij daarbij als btw-ondernemer handelt.

Belanghebbende stelt kort gezegd dat de verkoop niet in het kader van zijn onderneming plaatsvond, maar als belegging, dat de kavels tot zijn privévermogen behoren en dat het om incidentele handelingen gaat.

Het oordeel van het hof

Naar het oordeel van Hof 's-Hertogenbosch heeft belanghebbende na beëindiging van de tomatenteelt zijn onderneming via de bedrijfsgebouwen voortgezet met drie activiteiten: de verpachting van de kassen, de exploitatie van de winkel en de handelingen met betrekking tot de woningbouwkavels.

Die laatste handelingen vloeien immers voort uit de overeenkomst, waarbij vooraf vaststond dat hij kavels zou verkrijgen als compensatie voor de sloop. Zonder de eigendom van de bedrijfsgebouwen en de sloop daarvan waren zij niet tot stand gekomen. Waar belanghebbende spreekt van een incidentele handeling, ziet het hof juist drie samenhangende ondernemingsactiviteiten: met die activiteiten heeft hij gebruikgemaakt van de economische mogelijkheden die de eigendom van de bedrijfsgebouwen bood.

Het accepteren van het woningbouwrecht als compensatie bracht bovendien mee dat hij actief stappen moest ondernemen om dat recht te exploiteren. Hij verwierf daartoe een perceel grond, splitste dat in kavels en leverde die als woningbouwkavels. Onder die omstandigheden kwalificeert de levering als een handeling in het kader van zijn onderneming, en was er geen ruimte de kavels als privévermogen aan te merken.

Gevolgen voor de praktijk

Uit de uitspraak volgt dat bij de beoordeling van btw-ondernemerschap alle economische activiteiten van een belastingplichtige tezamen moeten worden bezien. De verschillende handelingen kunnen met elkaar samenhangen, waardoor het ondernemerschap voor al die activiteiten geldt en daarover ook btw verschuldigd is.

Zekerheid begint met een gesprek

Plan een gesprek met één van onze specialisten en krijg helderheid over uw btw-vraagstukken. Wij denken met u mee over de beste aanpak voor uw specifieke situatie.