ViDA komt eraan: de grootste btw-hervorming in decennia. Is uw organisatie klaar voor e-invoicing? Lees meer

Wijziging beleid btw-aftrek verkoop aandelen deelneming

8 januari 2025 5 min leestijd Door de specialisten van BTW-INSTITUUT

Per 1 juli 2025 vervalt het beleid uit 2004. Verkoopkosten bij een vrijgestelde aandelenverkoop gelden dan niet langer als algemene kosten, waardoor de btw daarop kostprijsverhogend wordt.

Het houden van aandelen in een deelneming is voor de btw in principe geen economische activiteit. Een holding is dus voor de aankoop, het houden en de verkoop van aandelen geen btw-ondernemer. Op die regel bestaan drie uitzonderingen:

  1. het houden van aandelen gaat gepaard met prestaties tegen vergoeding aan de deelneming, zoals managementdiensten
  2. de holding handelt bedrijfsmatig in aandelen
  3. het houden van de aandelen vormt een rechtstreeks, duurzaam en noodzakelijk verlengstuk van de economische activiteit van de holding

In deze drie situaties is de holding wél btw-ondernemer en is de verkoop van de aandelen vrijgesteld. De btw op kosten die toerekenbaar zijn aan zo'n vrijgestelde verkoop is op grond van de wet in het geheel niet aftrekbaar, tenzij de aandelen worden verkocht aan een afnemer buiten de EU. Dan bestaat volledig recht op aftrek.

Huidig beleid

Op grond van het sinds 2004 geldende beleid is toch aftrek mogelijk bij een onbelaste aandelenverkoop aan een in de EU gevestigde afnemer. Dat is in de eerste plaats het geval bij een holding met een beleidsbepalende en sturende rol waarvan de deelneming op grond van goedkeurend beleid deel uitmaakt van een fiscale eenheid. De fiscale eenheid heeft dan recht op aftrek van de btw op de verkoopkosten en de onbelaste verkoop beïnvloedt de aftrek op algemene kosten niet.

Het beleid geeft ook in situatie 1 een aftrekmogelijkheid. In afwijking van de nadien verschenen jurisprudentie beperkt het besluit die situatie tot een holding die de meerderheid van de aandelen houdt. Bij zo'n meerderheidsparticipatie worden de verkoopkosten aangemerkt als algemene kosten, dus kosten die niet direct toerekenbaar zijn aan de vrijgestelde verkoop, en telt de verkoopprijs bovendien niet mee in de noemer van de pro-ratabreuk. De vrijgestelde verkoop heeft daardoor geen negatief effect op de aftrek van verkoopkosten en andere algemene kosten.

Nieuw beleid per 1 juli 2025

Het beleid uit 2004 is gebaseerd op achterhaalde jurisprudentie van de Hoge Raad uit 2003 en 2004. Het was dan ook geen vraag óf, maar wanneer het zou worden aangepast. Met een wijziging van het beleidsbesluit inzake de aftrek van voorbelasting wordt het besluit uit 2004 per 1 juli 2025 ingetrokken.

Conform de jurisprudentie is situatie 1 voortaan niet meer beperkt tot meerderheidsparticipaties. Een belangrijke wijziging is dat de verkoopkosten in situatie 1 niet langer als algemene kosten gelden. Zij zijn dan normaliter kosten die direct samenhangen met de vrijgestelde aandelenverkoop, en voor de btw daarop bestaat in het geheel geen recht op aftrek, tenzij de afnemer buiten de EU is gevestigd. Gaat het om een incidentele vrijgestelde verkoop, dan beperkt die transactie de aftrek op de algemene kosten van de holding (huisvesting, accountant) niet.

Maakt de holding met een beleidsbepalende en sturende rol deel uit van een fiscale eenheid met de deelneming waarvan de aandelen worden verkocht, dan kan het houden van die aandelen het rechtstreekse, duurzame en noodzakelijke verlengstuk vormen van de economische activiteit van de deelneming (situatie 3). In het nieuwe besluit is het standpunt ingenomen dat een incidentele vrijgestelde verkoop geen invloed heeft op de aftrek van de fiscale eenheid ter zake van de algemene kosten. De btw op de verkoopkosten die direct samenhangen met die verkoop is vanaf 1 juli 2025 echter niet meer aftrekbaar en dus kostprijsverhogend.

Wat betekent dit voor u?

Een holding die aandelen in een deelneming verkoopt krijgt vanaf 1 juli 2025 in principe te maken met kostprijsverhogende btw op de verkoopkosten. Bent u van plan binnen afzienbare tijd te verkopen, houd dan rekening met die beperking en overweeg de verkoop vóór die datum te plannen.

De wijziging ziet op verkoopkosten waarop btw drukt, en dat is bij een aandelenverkoop niet per definitie het geval. Kwalificeren de afgenomen M&A- of corporate financediensten als bemiddeling bij de verkoop van aandelen, dan mag de dienstverlener over die fees geen btw in rekening brengen, en bij buitenlandse dienstverleners is de holding daarover geen verlegde btw verschuldigd. Bemiddeling bij de verkoop van aandelen is immers vrijgesteld.

Zowel voor de verkopende holding als voor de M&A- of corporate financedienstverlener is het raadzaam kritisch naar de contracten en facturen te kijken. In de praktijk wordt de toepasselijkheid van deze vrijstelling regelmatig niet onderkend, met de nodige gevolgen: het corrigeren van facturen waarop ten onrechte btw staat, het terugbetalen van die onverschuldigd betaalde btw aan de holding en het corrigeren van de eigen aftrek wegens het verrichten van vrijgestelde diensten.

Zekerheid begint met een gesprek

Plan een gesprek met één van onze specialisten en krijg helderheid over uw btw-vraagstukken. Wij denken met u mee over de beste aanpak voor uw specifieke situatie.